Voorkom overnames die de samenleving miljarden kosten door maatschappelijke toets

Copyright AkzoNobel 2017

De ‘barbaren’ staan aan de poorten: onze kroonjuwelen, waaronder de mondiale duurzaamheidskoplopers Unilever en AkzoNobel, dreigen door buitenlandse multinationals opgekocht te worden. Het kabinet onder leiding van Henk Kamp heeft een antwoord gevonden: verplichte bedenktijd bij vijandelijke overnames. Dit kan nuttig zijn waar het een zorgvuldige besluitvorming bevordert. Het lost de kern van het probleem echter niet op: een overname kan aantrekkelijk zijn voor een groep aandeelhouders, maar schadelijk voor de maatschappij. Wat dus (ook) nodig is, is een maatschappelijke toets bij overnames.

Een verplichte bedenktijd beschermt niet tegen een geduldige koper, inhalige aandeelhouders van de prooi of bestuurders die zelf gewillig hun onderneming verkopen, bijvoorbeeld in het vooruitzicht van een flinke bonus. Mega overnames kunnen grote maatschappelijke kosten veroorzaken, door onder meer prijsverhogingen, banenverlies en minder duurzame productie. Het probleem is dat bovenstaande schade niet door de aandeelhouders worden gedragen – die nu het laatste woord hebben – maar door de maatschappij. De markt is ervoor om welvaart te brengen, en moet gecorrigeerd worden als het daarin faalt.  In een goed-werkende economie is er dus geen plaats voor overnames die de maatschappij juist grote schade berokkenen. Dit principe erkennen we reeds in het mededingingsrecht dat consumenten beschermt en dient te gelden voor alle stakeholders, inclusief werknemers en onze kinderen die de gevolgen van klimaatverandering ondervinden.

De oplossing voor dit probleem is het invoeren van een maatschappelijke toets via het ondernemingsrecht: overnames dienen alleen plaats te vinden als zij de maatschappij geen schade berokkenen. Vroeger was dat lastig, maar tegenwoordig kan dit door middel van een Maatschappelijke Kosten-Baten Analyse (MKBA). Hierbij worden de effecten van een overname voor alle betrokkenen uitgerekend en in euro’s uitgedrukt, en met stakeholders getoetst, waardoor de voor en nadelen zo objectief mogelijk tegen elkaar afgewogen kunnen worden. De toetsing kan plaatsvinden door de Ondernemingskamer of een apart overname commissie, een maatschappelijke variant van het Britse take-over panel.

Voor de casus AkzoNobel-PPG hebben we een allereerste schatting gemaakt van de maatschappelijke effecten van de overname voor aandeelhouders, werknemers, consumenten en het klimaat. De effecten voor aandeelhouders zijn erg onzeker, maar netto pakken grote overnames niet goed uit voor hen. Werknemers en consumenten kunnen er sterk op achteruitgaan: overnames leiden gemiddeld tot banenverlies en prijsstijgingen. Het milieu ondervindt potentieel ook grote schade. AkzoNobel heeft nu nog speciale aandacht voor duurzaamheid. Als haar prestaties terugvallen naar het niveau van PPG, kunnen de maatschappelijke kosten van CO2-uitstoot – waaronder overstromingen, voedselschaarste en ziektes door klimaatverandering – oplopen tot 7 miljard EUR. De som van deze vier effecten ligt tussen de -30 en 5 miljard EUR en is naar verwachting negatief op -6 miljard EUR. Het totale effect kan veel groter zijn, want we hebben vele zaken, zoals vervuiling, grondstofgebruik en de netto fiscale gevolgen, nog niet eens meegenomen.

2017-05-24 09_00_24-170522 Maatschappelijke toets overnames AkzoNobel

Als het nu spannend wordt voor AkzoNobel, zal een maatschappelijke toets via het ondernemingsrecht wellicht nog te laat komen. Wel hebben investeerders en bestuurders nu al de maatschappelijke verantwoordelijkheid uit eigen beweging de maatschappelijke kosten en baten te betrekken in hun besluiten. In het bijzonder zouden de bestuurders van AkzoNobel niet dienen in te stemmen met een mogelijke overname, als de maatschappelijke kosten daarvan groot of onbekend zijn. En de Ondernemingskamer kan mogelijk zelfs nu al stimuleren dat een MKBA deel wordt van de conversatie.

Als maatschappij moeten we zeker geen netto miljardenverliezen meer accepteren enkel ten bate van een aantal financiële partijen. Het is hoogste tijd dat de samenleving het laatste woord neemt en overnames verplicht worden getoetst op hun maatschappelijke kosten.

Dr. Adrian de Groot Ruiz is Executive Director van True Price en Prof. dr. Dirk Schoenmaker is Hoogleraar Finance aan de Rotterdam School of Management en Senior Fellow bij Bruegel.

 

Prevent Business Takeovers that Cost Society Billions through a Societal Cost Benefit Assessment

Copyright AkzoNobel 2017

The Dutch perceive that the ‘barbarians’ are standing at the gates: their Crown Jewels Unilever and AkzoNobel, frontrunners in global sustainability, are at risk of being taken over by foreign multinationals. The Minister of Economic Affairs Henk Kamp, came up with an answer for the Dutch government: a mandatory respite for the target in case of an attempt at a hostile acquisition. This can be helpful where it stimulates careful decision making. However, it does not solve the core problem: a takeover can be attractive to a group of shareholders and yet damaging for society as a whole. Hence, what is (also) needed is a societal takeover test.

The proposed respite does not protect against patient buyers waiting their chances, short term oriented shareholders of the target or business executives who are themselves happy to sell their company.

Mega takeovers can have huge societal costs as a result of amongst others rising prices, job losses and a loss of sustainable production. The problem is that shareholders who now often have the final say but do not bear these costs; it is society that bears this burden. If the idea of the free market is to deliver welfare to society, then it must be corrected if it fails in doing so. In a well-functioning economy, there is no place for takeovers that at the end of the day result in a damaged society. This principle is already recognized in the competition law that protects consumers and it is time to widen the scope to all stakeholders. Time is here of the essence, now that we face on top of everything, the looming consequences of climate change.

The solution to the problem of potentially harmful takeovers, is the introduction of a mandatory societal test: takeovers should only take place if they do not create harm to society. Whilst in the past it was a challenge to obtain a reliable test, we now have the tools and means to conduct a Societal Cost Benefit Analysis (SCBA) of a takeover. In this approach, all the effects of a takeover for stakeholders are assessed and, wherever possible, expressed in euros, to be validated by stakeholders. Such an analysis enables us to trade off the advantages and disadvantages as objectively as technically possible. This test can take place under the supervision of the Enterprise Division of the competent court (Ondernemingskamer in the Netherlands) or an independent acquisition commission as a societal equivalent to the British take-over panel.

For the case of AkzoNobel-PPG, we produced a first estimate of the costs and benefits of the takeover for shareholders, employees, consumers and the climate. The effects for shareholders are highly uncertain, but overall large take-overs do not work out well for this group. Employees and consumers can experience severe deceptions: job losses and price increases.

The environment can potentially suffer considerable damage as well. AkzoNobel is known to give special consideration to sustainability. If AkzoNobel’s performance on sustainability should fall to the level of PPG, the societal costs of CO2 emissions – amongst which flooding, food scarcity and deceases due to climate change – could increase in monetary terms up to 7 billion euros.

The four effects together are expected to cost society 6 billion euros. This preliminary analysis contains substantial uncertainty: these four effects could cost society as much as 30 billion euro and could even be slightly positive (5 billion euro in the most optimistic scenario). The total effect of the takeover could be much greater as we left out many issues such as pollution, resource use and the net fiscal consequences.

 AkzoNobel infographic English

In the case of AkzoNobel and PPG, a mandatory societal test may come too late given the through-put time of new legislation. However, the investors and business executives involved currently in the potential takeover all have the responsibility to consider the societal costs and benefits. The board of AkzoNobel should not agree to a possible takeover if the societal costs are large or unknown. Furthermore, the Dutch Enterprise division of the court could possibly stimulate for the SCBA to become part of the conversation.

As a community, we should no longer accept billions of losses, to serve only a few financial players. Society should have the final say, and a societal test for takeovers is long overdue.

Dr. Adrian de Groot Ruiz is Executive Director of True Price and Prof. dr. Dirk Schoenmaker is Professor Finance at the Rotterdam School of Management and Senior Fellow at Bruegel.

The original article was published in de Volkskrant (In Dutch) on May 24 (page 24).

Alliander’s Integrated Impact

Belangrijkste impacts van Alliander2

True Price has mapped the impact of all activities of Alliander, the largest energy network supplier of the Netherlands. We looked at impacts on six capitals: financial, produced, intellectual, environmental, social and human capital. For this, we used our Integrated Profit and Loss tool and worked together with Ecofys.

Alliander has set itself high ambitions with respect insight into their impacts, both positive and negative. In 2016, Alliander and True Price, together with Ecofys, started with the quantification and monetization of Allianders impacts, such as the impact of CO2 emissions or the employment of people with a distance to the labor market.

The calculations of the impacts have been published in Allianders annual report and a seperate impact report. Please read the annual report (in Dutch) here and the impact analysis (in Dutch) here.

May the best farmer win!

2015-05-05 14_05_54-A School District Unites Around Food on Vimeo_Ecotrust

How does the true price of organic agriculture differ from conventional agriculture?

Adrian de Groot Ruiz gave an interview about organic versus conventional agriculture on Business News Radio (in Dutch). You can listen to the whole interview, in response to a statement of Louise Fresco, the President of Wageningen University and Research. (His part starts at 22 minutes) here.

Read a summary of the questions and answers below:

Interview on BNR Duurzaam

Adrian de Groot Ruiz as an expert on this statement:
“Organic agriculture is less productive than conventional agriculture”

Journalist Frederique Mol is the interviewer.

The real costs are not included in the price consumers pay. Who pays for these?
Society pays. For example, when CO2 emissions go up, there will be more floods. We will need to build more dams and the productivity of agriculture will go down. These are costs which are real, but the person enjoying the piece of chocolate does not pay for it.

Which information do you need to judge the statement?
Environment is the most interesting, because the advantage is that organic agriculture is better per hectare. There is less use of pesticides and herbicides, there is less loss of soil quality and less CO2 emissions per hectare. The disadvantage is there is less produce per hectare.

How do you calculate the real price?
Multiply the costs per hectare with efficiency. With the use of pesticides and herbicides, you determine the loss of species and value the different species. With CO2 you take the societal costs. We calculate 110 euros for a ton of CO2.

Does organic agriculture perform better than conventional agriculture?
The most leading studies show that the yield is about 20 percent lower.

That sounds like bad news for organic agriculture. Can we put a price on it?
No, and that is the interesting part. This is what we should measure, but it differs per continent and per product. To be fair, we don’t know. So it’s important that everyone measures and reports their true price. For example, an organic trader, Eosta, reports their costs per hectare, but we would like to see the costs per product and then: may the best farmer win!